Op dit moment werkt de mailaccount "@kwaliteitinwelzijn.nl" niet!! U kunt uw mail sturen naar info@kiwz.nl.

   
Karin de Graaff
Zuiderlaan 23b
6905AC Zevenaar
info@kiwz.nl
Praktijk geopend: ma t/m do

Bel
Kwaliteit in WelZijn
Praktijk voor volwassenen, kinderen, jongeren, ouders, relaties en het gezin

Individuele sociale vaardigheidstraining   arrow

Kwaliteit in WelZijn biedt individuele sociale vaardigheidstraining. Via  het aanleren via het GGGG (gebeurtenis – gedachten – gevoel- gedrag) model wordt het kind zich bewust van de invloed van gedachten en gevoelens op gedrag.

Gedachten en gevoelens kunnen het gedrag zowel bevorderen als verstoren. Als de gedachten of de gevoelens van een jongere zo storend zijn dat hij niet in staat is om zich te gedragen zoals hij zou willen of moeten, ligt het voor de hand om daar in de sociale vaardigheidstraining aandacht aan te besteden.

Storende en helpende gedachten.
Het gedrag dat een jongere laat zien wordt beïnvloed door zijn ‘inner speech’, de dingen die hij tegen zichzelf zegt en waarmee hij een situatie voor zichzelf een bepaalde kleur geeft. Het gaat bij ‘inner speech’ niet per sé om een inwendige toespraak die iemand tegen zichzelf houdt, maar het kan ook een gemoedstoestand of een associatie zijn. ‘Inner speech’ kan storend zijn, maar kan de jongere ook helpen. Een voorbeeld van een storende gedachte is “ Zie je wel, ik kan het toch niet…”. Een helpende gedachte is bijvoorbeeld: ‘ Als ik het vaker doe word ik er steeds beter in.

We gebruiken tijdens de training de techniek ‘storende en helpende gedachten’ als gedachten zo storend zijn dat een jongere daardoor niet in staat is om competent gedrag te laten zien. Het helpen veranderen van gedachten gebeurt in feite op dezelfde manier als het veranderen van waarneembaar gedrag. Ook bij het veranderen van gedachten gaat het om het aanleren van nieuwe vaardigheden; hoe kun je ‘storende gedachten’ vervangen door ‘helpende gedachten’. In plaats van de storende gedachten “ Ik leer het nooit” kan iemand leren gebruik maken van de helpende gedachte:”Als ik het vaker doe word ik er steeds beter in.”

Bij het werken aan storende en helpende gedachten moet de trainer de jongere leren:

  • Te herkennen dat hij dingen tegen zichzelf zegt;
  • Dat de dingen die hij tegen zichzelf zegt zijn gevoelens en gedragingen kunnen  beïnvloeden;
  • Zicht te krijgen op de dingen die hij tegen zichzelf zegt;
  • Op een andere manier tegen zichzelf te praten.

Het idee achter het toepassen van de techniek ‘storende en helpende gedachten’ is dat iemand na een bepaalde gebeurtenis of in een bepaalde situatie bepaalde gedachten heeft of bepaalde dingen tegen zichzelf zegt. Die bepalen hoe die persoon zich voelt en hoe hij zich op grond daarvan gedraagt.
In tegenstelling tot wat veel mensen denken, is het niet zo dat gevoelens direct veroorzaakt worden door gebeurtenissen of situaties. Het is de interpretatie van de gebeurtenis of situatie die tot gevoelens leidt. Deze gedachtegang wordt uitgelegd in  het GGGG-model. Dit model is gebaseerd op de principes van de rationeel emotieve educatie.

Het uitdagen en ter discussie stellen van storende gedachten
De essentie van de techniek ‘storende en helpende gedachten’ is dat iemand leert storende gedachten te vervangen door helpende gedachten die competent gedrag kunnen bevorderen. Om dit te bereiken, moeten storende gedachten uitgedaagd, ter discussie gesteld en vervangen worden.

Bij het uitdagen en ter discussie stellen van de storende gedachten kun je de volgende vragen stellen:

  • Is de gedachte waar?
  • Helpt de gedachte je om te bereiken wat je wilt bereiken? Eventueel kun je als aanvulling de volgende vragen stellen:
  • Helpt de gedachte je om te voorkomen dat je gevoelens krijgt die je niet wilt?
  • Helpt de gedachte je om conflicten te voorkomen die je niet wilt?

Bij het uitdagen en ter discussie stellen van storende gedachten help ik het kind de jongere om helpende gedachten te ontwikkelen. Vaak gaat het daarbij niet zozeer om het verzinnen van nieuwe gedachten, maar om het afzwakken van erg absolute of normerende gedachten.

Bijvoorbeeld:
“Ik kan het niet uitstaan..” kan veranderen in: ”Ik hou er niet van, maar…”

“Het is verschrikkelijk…” kan veranderen in: ”Ik vind ik het vervelend, maar…”